Er wordt wat afgezeverd en gezegd
nooit heb ik over schrijvers willen schrijven
‘de ouwe wijven!’ op een stip gelegd
liet bijlen slijpen om maar bij te blijven
nooit heb ik over schrijvers willen schrijven
ik las een hond uit Amsterdam; die gast
liet bijlen slijpen om maar bij te blijven
ik laat dit liever zeg aan wie het past
ik las een hond uit Amsterdam; die gast
hij liet gelijk zijn fratsen en zijn grollen
ik laat dit liever zeg aan wie het past
uit naam der poëzie hier koppen rollen
hij liet gelijk zijn fratsen en zijn grollen
‘de ouwe wijven!’ op een stip gelegd
uit naam der poëzie hier koppen rollen
er wordt wat afgezeverd en gezegd
===
Antwoordgedicht.
Zie ook: hier en hier.
donderdag, mei 28, 2009
dinsdag, mei 12, 2009
Poëzieleesroute Amersfoort
Vier keer per jaar vindt de “PoëzieLeesRouteAmersfoort” plaats,
in de maanden april-mei-augustus en september.
In de POEZIESTRAAT AMERSFOORT wordt gekozen voor díe poëzie, die het meer van lezen en (vooral) hérlezen moet hebben, naast poëzie met ook ‘(af)beeldende’ kwaliteiten, of de combinatie hiervan.
Redactie van de POEZIESTRAAT AMERSFOORT: Wil Fraikin en Joep Haeyen.
14-17 mei 2009: Lilian Caessens (Sittard), Erwin Vogelenzang (Den Haag), Floris Brown (Suid Afrika), Edith de Gilde (Den Haag), Trudy Verdaasdonk, Erik Lindner (Amsterdam), Eric van Loo (Utrecht)
Klik hier voor meer bijdragen van mij op englishdutchgermanpoetry.blogspot.com.
zaterdag, maart 21, 2009
Rechtspraak

Haar haren waren schouderlang
ik zal haar nimmer meer vergeten.
ik wil het anonieme weten
en horen van haar wrange gang.
het holle strijden maakt me bang.
haar mond vertelt van wanhoopskreten.
gewogen heeft ze, aangemeten:
de doos, de pijn, de boemerang.
mijn God toch, moest u zó eens leven
de maden slikken van de tijd.
u zijn die dingen om het even.
zij heeft van spuug een sprei geweven
van bordkarton een bomtapijt
infiltreert de overheid
dinsdag, maart 17, 2009
Mooi man
wat je zei
van drie turven
het ontbrekende woord
vraag ik me waarom
jij je gedicht uitschreef
terwijl ik
bij de zevende regel
mooi man
en ook nu
bij het zwaaien
van drie turven
het ontbrekende woord
vraag ik me waarom
jij je gedicht uitschreef
terwijl ik
bij de zevende regel
mooi man
en ook nu
bij het zwaaien
woensdag, maart 11, 2009
Wapenrusting van een verloste pelgrim [FLARF]

Ik vroeg hem: zeg waar is je reis naar toe?
ben je een pelgrim? pionier of pelgrim?
een late pelgrim op de melkweg?
een pelgrim op gevoel in dit huis van hoop
die doorgaans doolt door dode straten?
er is hier zelfs een rue saint jacques.
hij - afgelopen week heeft pelgrim henricus uit drachten
de leefgemeenschap beth tikwah versterkt -
liep naar mij toe en zei: de ziel
gaat te voet mooie witte pelgrim. met kallebas en staf.
om in de grote plas te hengelen op de grote karpers
die het meer bevolken. wie in eigen land wandelt
komt vaak nauwelijks iemand tegen. maar wel hoop ik
spoorzoekers naar het geluk een handje te helpen
door te vertellen hoe de weg een mens slijpt.
maandag, maart 02, 2009
Honderdtwintig bollen
De zomer gunde het kale land
bakken regen één gladiool
en quasi-bewonderende blikken
van het familiebezoek
honderdtwintig bollen op de kop geplant
en wij keken toe
moeder met haar trouwgezicht
deed haar best te prijzen te slikken
tilde de mattenklopper van de spijker
en hield de sprekende ogen straf
wij doken gedrieën achter de kolenkit
zaten er ons het roetzwart te lachen
diezelfde avond trommelden we
op het hekwerk keken naar de pauken,
de bekkens de kleppers het naslagwerk
op het plein van de bewaarmeschool
waar de harmonie zichzelf herhaalde
op het trefbalveld
in de wei achter het huis speurden we
naar klavervier hingen in prikkeldraad
plukten boterbloemen klaprozen
hét veldboeket voor papa
dachten aan die éne gladiool
en nooit hielden we meer
bakken regen één gladiool
en quasi-bewonderende blikken
van het familiebezoek
honderdtwintig bollen op de kop geplant
en wij keken toe
moeder met haar trouwgezicht
deed haar best te prijzen te slikken
tilde de mattenklopper van de spijker
en hield de sprekende ogen straf
wij doken gedrieën achter de kolenkit
zaten er ons het roetzwart te lachen
diezelfde avond trommelden we
op het hekwerk keken naar de pauken,
de bekkens de kleppers het naslagwerk
op het plein van de bewaarmeschool
waar de harmonie zichzelf herhaalde
op het trefbalveld
in de wei achter het huis speurden we
naar klavervier hingen in prikkeldraad
plukten boterbloemen klaprozen
hét veldboeket voor papa
dachten aan die éne gladiool
en nooit hielden we meer
donderdag, februari 19, 2009
Keerzijde

Ik heb gelopen in verlaten streken
waar niemand ooit een treffend uitzicht had
op losse grond, er dwaalt een kronkelpad
omringd door bergen. Muggen. Bleke beken.
Angstvallig heb ik schimmen nagekeken
in wodanseiken en gevallen blad
op duivels lot. De houten stad -ik bad-
is naamloos voor de mensheid uitgeweken.
Geheimen liggen blootgelegd in dagen
waarin ik stom, benepen in mijn mond,
de munt proef, die ik op de platte pont
in uitgeput verzet heb meegedragen.
Toen ik de Elyzeese velden vond
werd mij voorgoed mijn vrijheid afgeslagen.
zondag, februari 15, 2009
Amersfoirde [1259 - 2009]
Van Haarlem In het Duytchse dorpje Amersfoort
hangen de tuinen van Babylon.
Hoe allodiaal kan een leenland zijn
als de nacht begint
of eindigt in een Koppelpoort.
Waar garnizoenen voortgedreven
muurhuisden zit ik, eet
een patatje 'Kanon & Kogel'.
De ochtend zal me vinden
aan de rand van het oppidum
in deze stad met ballen.
Zeven honderd vijftig jaar.
De stoel heeft poten aan de grond.
dinsdag, februari 10, 2009
Onthou
we sloegen paradijzen van de hand
en paradeerden rond de woeste baren
omdat wij nog maar pas gestorven waren
oprecht verdriet hield vele jaren stand
maar nu de doden in dit vreemde land
naargeestig wijzen en ontstemd gebaren,
opdat ook wij op tijd - mijn god - ervaren
hoe sterven gaat aan gene hemelkant
wij weten: dromen kwamen uit op dagen
waarin de stilte vanzelfsprekend scheen
en waar geen tijd of taal ons kon behagen
was altijd wel een bloem of edelsteen
Onthou - en stel gerust je lieve vragen
ik kan niet langer om ons afscheid heen
---
Klik hier voor de website van Dichtslamrap.
Dit gedicht staat in de bundel van 2009.
---
en paradeerden rond de woeste baren
omdat wij nog maar pas gestorven waren
oprecht verdriet hield vele jaren stand
maar nu de doden in dit vreemde land
naargeestig wijzen en ontstemd gebaren,
opdat ook wij op tijd - mijn god - ervaren
hoe sterven gaat aan gene hemelkant
wij weten: dromen kwamen uit op dagen
waarin de stilte vanzelfsprekend scheen
en waar geen tijd of taal ons kon behagen
was altijd wel een bloem of edelsteen
Onthou - en stel gerust je lieve vragen
ik kan niet langer om ons afscheid heen
---
Klik hier voor de website van Dichtslamrap.
Dit gedicht staat in de bundel van 2009.
---
zondag, februari 08, 2009
Halfstok
Henri Matisseik ben een mens, achterlijk en idioot, vol
overtuiging. doodgaan valt wel mee.
sterven doe ik in de ochtend, wanneer de
rook is opgetrokken en ik broos nog kijken kan.
geef me je borst, komop, schurk aan
verteer mijn ogen, ik heb je voorgelogen.
maar, als je me begraven hebt in die
kuil onder de te platte wereld
daar waar het huis van je ma en pa nog
slechts een baksteen is
verbleek dan niet onder witte lakens
als ik te lief klink.
---
Zie ook: De Contrabas en klik hier voor de MP3-versie door Peter de Groot.
---
Abonneren op:
Posts (Atom)